- 300 gram roggemeel.
- 200 gram bloem.
- 3 deciliter lauwe melk.
- 20 gram gist.
- 2 theelepels zout.
- 1/2 theelepel fijngemalen anijszaad.
- 4 eetlepels keukenstroop.
- 40 gram boter.
Verwarm de oven voor op 225 graden. Beboter de bakplaat. Doe de gist in ongeveer 1 deciliter melk en roer dit. Roer roggemeel, bloem, zout en anijszaad door elkaar, doe 1/3 van dit mengsel in een kom, roer de opgeloste gist erdoor endek dit af met het overige meelmengsel. Wacht tot het meel door de werking van de gist gaat barsten.
Smelt in die tijd de keukenstroop en de boter in de overige melk, laat dit weer lauw worden en roer het dan door het meelmengsel. Kneed en sla het deeg 20 minuten krachtig tot het soepel en glanzend is. Laat het afgedekt met een vochtige doek op een warme, tochtvrije plaats 1 tot 1 1/2 uur rijzen tot de hoeveelheid verdubbeld is. Kneed het deeg na het rijzen weer goed door, vorm er een rond brood van, leg dit op de bakplaat en laat het nog een 1/2 uur afgedekt rijzen. Prik het deeg met een breinaald een paar keer in, bestrooi het met wat roggemeel en zet de plaat onder in de hete oven. Bak het brood in 40 minuten gaar. Klop even op de onderkant; klinkt dit hol dan is het brood gaar, zo niet, zet het brood dan nog even omgekeerd in de hete oven. Laat het brood op een taartrooster uitdampen.